Albert Nuytinck: Dagboek, ontvangen brieven en bijlage (origineel dagboek, handgeschreven op kleine en grote vellen ongelinieerd kladblokpapier en een computeruitdraai van dagboek)
De auteur, geboren in Philippine (Zeeland) in 1921 is tewerk gesteld in een machinefabriek in Fulda als slijper. Hij heeft een controlerende functie. Er werken ook vrouwen. Hij slaapt in een volle barak op een strozak. Het eten wordt in de barak zelf gemaakt en is goed. Er zijn dag- en nachtdiensten, behalve zondag. Het werk is vermoeiend. Hij krijgt veel post van ouders en vrienden. Vaak denkt hij aan huis of "praat" met thuis. Hij gaat veel naar de kerk, is gelovig. Dit geeft hem steun. Het contact met de anderen is goed. Men viert elkaars verjaardagen. Vaak is er alarm, waardoor hij niet slaapt. Hij eet thuis bij mensen, die hij uit de fabriek kent. Bij het loopgraven maken saboteert hij. In de stad en omgeving wandelt hij en zwemt in de rivier de Fulda. Door het vuile werk moet hij zich vaak wassen in het washok. Af en toe pikt hij een biertje of koopt de krant, waardoor hij te weten komt dat men thuis bevrijd is. De oorlogvoering wordt gevolgd. In het lager wordt gestolen. Vanaf september 1944 vlucht hij bij steeds heviger bombardementen met anderen het kamp uit naar buiten of de vochtige kelder in. Naar de film gaan is tijdelijk niet meer mogelijk. Hij vraagt zich af waarom hij een dagboek bijhoudt en waarom hij is gaan werken. Zin heeft hij er niet meer in. Bovendien krijgt hij last van z'n maag. De herfst is mooi, maar maakt hem weemoedig. 18 Oktober 1944 leest hij in een krant over het onder water zetten van Walcheren. Hij denkt aan thuis. Hij bakt koeken en er zijn sigaretten. Arbeiders uit de fabriek moeten helpen bij de Westwall en gaan weg. Van Duitse vrouwen krijgt hij extra voedsel en fruit. 28 Oktober 1944 viert hij zijn 24e verjaardag. Het gaat voor het eerst vriezen, de potkachel gaat aan. 4 November 1944 wordt hij bevorderd. Het gedrag tussen mannen en vrouwen ergert hem. Er zijn luizen. Het Pruisisch Staatsorkest geeft een uitvoering. Hij vertelt zijn dromen. Er is dagelijks een paar maal alarm en er zijn steeds vaker bombardementen. De auteur, geboren in Philippine (Zeeland) in 1921 is tewerk gesteld in een machinefabriek in Fulda als slijper. Hij heeft een controlerende functie. Er werken ook vrouwen. Hij slaapt in een volle barak op een strozak. Het eten wordt in de barak zelf gemaakt en is goed. Er zijn dag- en nachtdiensten, behalve zondag. Het werk is vermoeiend. Hij krijgt veel post van ouders en vrienden. Vaak denkt hij aan huis of "praat" met thuis. Hij gaat veel naar de kerk, is gelovig. Dit geeft hem steun. Het contact met de anderen is goed. Men viert elkaars verjaardagen. Vaak is er alarm, waardoor hij niet slaapt. Hij eet thuis bij mensen, die hij uit de fabriek kent. Bij het loopgraven maken saboteert hij. In de stad en omgeving wandelt hij en zwemt in de rivier de Fulda. Door het vuile werk moet hij zich vaak wassen in het washok. Af en toe pikt hij een biertje of koopt de krant, waardoor hij te weten komt dat men thuis bevrijd is. De oorlogvoering wordt gevolgd. In het lager wordt gestolen. Vanaf september 1944 vlucht hij bij steeds heviger bombardementen met anderen het kamp uit naar buiten of de vochtige kelder in. Naar de film gaan is tijdelijk niet meer mogelijk. Hij vraagt zich af waarom hij een dagboek bijhoudt en waarom hij is gaan werken. Zin heeft hij er niet meer in. Bovendien krijgt hij last van z'n maag. De herfst is mooi, maar maakt hem weemoedig. 18 Oktober 1944 leest hij in een krant over het onder water zetten van Walcheren. Hij denkt aan thuis. Hij bakt koeken en er zijn sigaretten. Arbeiders uit de fabriek moeten helpen bij de Westwall en gaan weg. Van Duitse vrouwen krijgt hij extra voedsel en fruit. 28 Oktober 1944 viert hij zijn 24e verjaardag. Het gaat voor het eerst vriezen, de potkachel gaat aan. 4 November 1944 wordt hij bevorderd. Het gedrag tussen mannen en vrouwen ergert hem. Er zijn luizen. Het Pruisisch Staatsorkest geeft een uitvoering. Hij vertelt zijn dromen. Er is dagelijks een paar maal alarm en er zijn steeds vaker bombardementen. Een familielid heeft het dagboek gelezen en zo nauwkeurig mogelijk opgeschreven. Een uitgave in eigen beheer is in de bibliotheek aanwezig
- Collectie 244: Europese dagboeken en egodocumenten
- Dagboek, ontvangen brieven en bijlage (origineel dagboek, handgeschreven op kleine en grote vellen ongelinieerd kladblokpapier en een computeruitdraai van dagboek)
- 1767
Bij bronnen vindt u soms teksten met termen die we tegenwoordig niet meer zouden gebruiken, omdat ze als kwetsend of uitsluitend worden ervaren.Lees meer