Ludwig W R Meyer
Suhl, 27 december 1901 - Euskirchen, 16 september 1969Ludwig Wilhelm Rudolf (Rudi) Meyer werd geboren als de zoon van Gustav Meyer (1872-1942) en Margaretha Meyer-Meyer (1878-1943). Ze woonden in Berlijn en daar was Rudolf actief bij de Scouting. Via zijn oom, filmproducent Erich Pommer, kwam Rudi terecht in de filmindustrie. Aanvankelijk werkte hij als boekhouder en publiciteitsmedewerker voor Decla-Bioskop, de productiemaatschappij van zijn oom, maar na een paar jaar maakte hij de overstap naar distributeur en productent Althoff-Ambos-Film Aktiengesellschaft (Aafa) van prodcent Gabriel Levy, waar hij leiding gaf aan de exportafdeling van het bedrijf. Niet lang na de machtsovername van nazis, vertrok Meyer, samen met zijn niet-Joodse vrouw Alwine Else Messer naar Amsterdam, waar zij in oktober 1933 werden ingeschreven op het adres Michelangelostraat 54-I. In Nederland richtte Meyer zijn eigen distributiebedrijf op, gericht op de aankoop van Nederlandse, Belgische en Franse films. Samen met Gabriel Levvy, die ook naar Nederland was uitgeweken, en Jo Pearl, hoofd van de Nederlandse tak van het Hollywoodbedrijf Universal Studios, richtte Meyer in 1934 de productiefaciliteit Hollandsche Film Productie (Holfi) op. Vanaf 1935 produceerde Meyer zelfstandig films, waaronder De Kribbebijter, Pygmalion, Vadertje Langbeen, Morgen gaat het beter!, De spooktrein en Ergens in Nederland. Dat waren films van regisseurs die uit nazi-Duitsland waren gevlucht, zoals Hermann Kosterlitz, Ernst Winar, Ludwig Berger, Karel Lamač en Friedrich Zelnik. Anne Frank knipte uit de Libelle een plaatje van actrice Lily Bouwmeester en acteur Cruys Voorbergh in de film Ergens in Nederland en plakte dat op de muur van haar kamer in het Achterhuis. In 1939 werd Meyer ook lid van de raad van bestuur van het filmdistributiebedrijf Filmex. In maart 1939, enkele maanden na de Novemberprogrom van 1938 vestigden ook de ouders van Rudi Meyer naar Amsterdam, waar zij aanvankelijk onderdak vonden bij Rudi en zijn echtgenote. Zij woonden sinds september 1935 op de Stadionkade. Het uitbreken van de oorlog en de Duitse bezetting maakten voorlopig een abrupt einde aan Meyers carrière als filmproducent. Op 16 januari 1942 werd in Het Joodsche Weekblad een advertentie geplaatst van ‘de Joodsche Schoonmaakdienst’ met als adres Stadionkade 4. Het bedrijf was van Meyer en zijn vrouw. De eerste vier jaar van de bezetting bracht Meyer als gemengd-gehuwde relatief veilig door in Nederland, beschermd als hij was door zijn huwelijk met een niet-Joodse vrouw, maar hij belandde uiteindelijk toch in Westerbork, waar hij 20 juli 1944 werd geregistreerd en werd ondergebracht in barak 67, de strafbarak. Mogelijk heeft hij toch nog enige tijd ondergedoken gezeten. Vanuit Westerbork ging hij op 3 september 1944, evenals de onderduikers uit het Achterhuis, mee met het laatste transport naar Auschwitz. Zijn ouders waren op 24 augustus 1943 al vanuit Westerbork gedeporteerd naar Auschwitz en direct na aankomst vermoord. Rudi overleefde Auschwitz, waar hij werd bevrijd door het Rode Leger, en maakte dezelfde terugreis als Otto Frank naar Odessa en vandaaruit aan boord van de SS Monowai naar Marseille. In het notitieboekje dat Otto Frank van januari tot juni 1945 bijhield, noteerde hij 'Rudi Meyer Film'. Rudi Meyer was ook een van de mensen op Otto Franks verzendlijst bij verschijnen van Weet je nog? Verhalen en sprookjes in 1948. Na de bevrijding vestigde Rudi Meyer zich opnieuw in Nederland en zette hij zijn activiteiten als producer voort met documentaires en ambitieuze speelfilms, die deels gingen over de nazi-bezetting van Nederland en werden geregisseerd door bekende filmmakers als Paul Rotha (De overval, 1962) en Kees Brusse (Mensen van morgen, 1964). Tevens was hij producent van een van de succesvolste Nederlandse films aller tijden: Fanfare (1952), een film over rivaliserende fanfareorkesten onder regie van Bert Haanstra. De film werd grotendeels gedraaid in Giethoorn, waar Meyer opviel vanwege zijn onafscheidelijke toeter. In september 1960 kreeg Meyer tijdens de uitzending van Anders dan anderen, een tv-programma van Bert Garthoff vergelijkbaar met In de Hoofdrol, een houten bankje in Giethoorn aangeboden als eerbetoon. Op zijn beurt schonk Meyer weer een bankje aan Bert Haanstra. Beide bankjes met opschrift zijn te vinden in een hoekje bij dorpskerk De Vermaning in Giethoorn. Het belangrijkste werkterrein van Meyer bleef echter zijn werk voor Filmex. Hij bleef er tot aan zijn dood actief en liet in de jaren vijftig onder meer de Nederlandse bioscoopbezoekers kennismaken met de Sissi-films. Volgens zijn dochter Dorrie kreeg Meyer na zijn gevangenschap in Auschwitz steeds meer kwalen. Over de oorlog sprak hij nooit. Rudi Meyer overleed op 67-jarig leeftijd op 16 september 1969 in Euschkirchen, waar hij toen op vakantie was. Bron persoonsgegevens. Adressen: Berlijn; Amsterdam: Michelangelostraat 54-I (oktober 1933), Stadionkade 4hs (september 1935); Schubertstraat 78hs (december. 1958).
Bron: https://research.annefrank.org/nl/personen/e718305c-ec12-40a4-a509-e1ea28929e97/
Rudolf Meyer werd geboren in Duitsland en was daar ook actief bij Scouting. Door de opkomst van het Nationaal Socialisme in Duitsland besloot hij in 1933 naar Nederland te vluchten. Hij begon een eigen distributiebedrijf, dat zich bezighield met de aankoop van films. De eerste vier jaar van de bezetting bracht Meyer relatief veilig door in Nederland, beschermd door zijn huwelijk met een niet-Jood. Pas in 1944 werd hij door de Duitsers gedeporteerd naar Kamp Westerbork. Op 3 september 1944 vertrok hij naar concentratiekamp Auschwitz. Hij overleefde de oorlog.
Bron: Vereniging Scouting Nederland
Het leven tijdens de oorlog van Ludwig W R Meyer
1944
Gevangen in Kamp Westerbork
Getransporteerd naar Auschwitz
Bronnen
Dit zijn de bronnen die bij Oorlogsbronnen bekend zijn over deze persoon.
Scouts in de Oorlog
In 2019 is het verhalenproject Scouting in de Oorlog gestart met het doel om 75 verhalen over scouts en de Scouting tijdens de Tweede Wereldoorlog te verzamelen. Eind 2023 bevatte het project een verzameling van 2750 verhalen en het wordt nog steeds aangevuld.
Bekijk de bronAanbieder
Scouting NederlandAnne Frank Kennisbank
De Anne Frank Kennisbank bevat informatie over Anne Frank, haar familie, de andere onderduikers, onderduikgevers en andere personen uit haar omgeving.
Bekijk de bronAanbieder
Anne Frank StichtingWesterbork Digitaal
Personen Herinneringscentrum Kamp Westerbork is een database met informatie over slachtoffers die gevangen zaten in Kamp Westerbork. Deze informatie is afkomstig uit verschillende bronnen, van het Nederlandse Rode Kruis en transportlijsten tot aan akten van de burgerlijke stand.
Bekijk de bronAanbieder
Herinneringscentrum Kamp WesterborkJoodsche Raad Cartotheek
De Joodsche Raad Cartotheek is tijdens de Tweede Wereldoorlog aangelegd door verschillende afdelingen van de Joodsche Raad in Amsterdam. Een Joodsche Raad Cartotheekkaart bevat persoonlijke informatie en vaak staan ook familieleden bijgeschreven op de kaart. Daarnaast bevat het informatie over eventuele sperre, een vrijstelling voor deportatie. Na de Tweede Wereldoorlog is in rood potlood de deportatie datum opgeschreven door het Rode Kruis. Op dit moment bevindt de cartotheek zich fysiek in het Nationaal Holocaust Museum en is het digitaal beschikbaar via Arolsen Archives.
Bekijk de bronAanbieder
Arolsen Archives
Afbeelding van Ludwig W R Meyer
Ontbreekt een portretfoto, of kan je ons helpen met een betere afbeelding van Ludwig W R Meyer, dan kan je deze hier toevoegen. Ook is het mogelijk om de bestaande portretfoto beter bij te snijden.
Heeft u bezwaar tegen de vermelding van deze persoon?
Laat het ons weten door een e-mail te sturen naar info@oorlogsbronnen.nl



