Horatius (Har) Volbeda
Rotterdam, 19 januari 1906 - locatie onbekend, datum onbekendVOLBEDA (Horatius, roepnaam Har), geboren te Rotterdam op 19 januari 1906. Hij trouwt in 1937 en woont in 1944 met zijn vrouw en twee kinderen in de Rotterdamse wijk Overschie, op het adres Prins Mauritssingel 35a. Bij de razzia van 10 november 1944 wordt Har opgepakt, hij is dan 38 jaar en jeugdleider. Hij moet naar Houthandel Van Stolk, dat dienstdoet als verzamelplaats. Hij krijgt niet de gewenste vrijstelling; naar zijn papieren wordt amper gekeken. In de namiddag moet Har in de stromende regen lopend naar Delft, waar hij wordt ondergebracht in een leegstaand schoolgebouw. Vroeg in de nacht moeten de mannen opstaan en vertrekken om 07:00 uur met de trein; met 63 man in een wagon, maar Har en enkele maten hebben geluk met een zitplaats. De trein volgt de route Den Haag, Leiden, Haarlem (de trein staat lang stil en er komt hulp van de bevolking), Amsterdam, Weesp-Naarden (hetzelfde als in Haarlem), Amersfoort, Zwolle, Nijverdal, Almelo, Hengelo, Gronau. Epe, Coesfeld. Wanneer de mannen op 14 november in Essen aankomen zitten zij al 100 uur in de trein en zijn zij slechts vijfmaal een kwartiertje gelucht. Eten en drinken krijgen de mannen nauwelijks, ze hebben gebrek aan slaap en verse lucht en het luchtalarm en bovenal de onzekerheid over wat met hen gaat gebeuren, verhogen de spanning. Via Würzburg gaat het transport naar Laim, even buiten München, waar de mannen op 16 november aankomen. Zij zitten nog in de wagons wanneer het luchtalarm afgaat. Hoewel niet iedereen daarvoor voelt moeten zij naar de open schuilloopgraven. Er wordt hevig gebombardeerd. De mannen hebben er spijt van dat zij kort na de razzia niet zijn gevlucht, het gevaar bij München is een stuk groter. Een dag later vertrekken de mannen en dan rijden zij door kunstmatige mist, die de Duitsers met nevelwerpers verspreiden om te voorkomen dat het industriegebied vanuit de lucht zichtbaar is. Na een goed half uur bereiken de mannen Durchgangslager Dachau. Zij worden gekeurd door een Russische arts die geen Duits spreekt, maar gebruik maakt van een bord met het opschrift “Doet dit pijn?” Met 12 bekenden komt Har op een kamer. Het valt hem op dat niemand over thuis durft te praten. Har en zijn maatje Theo gaan tolken bij typisten die lijsten moeten invullen. Een makkelijk baantje in de buurt van een warme kachel. ’s Nachts is het koud en dan piekert Har over thuis; soms is hij wanhopig en gelooft dat hij ze thuis nooit meer zal zien. Na korte tijd moet hij naar München en in het centrum ziet hij een enorme puinmassa. Har schrijft in zijn dagboek “dat hierbij vergeleken de verwoesting van Rotterdam maar kinderspel was.” Op 24 november 1944 worden Har en enkele maten tewerkgesteld bij vliegtuigmotorenfabriek van BMW in München-Allach. Tot 26 maart 1945 is Har daar Karteiführer, belast met de voorraadsboekhouding van de onderdelen welke voor de vliegtuigmotoren nodig zijn. Met veel bureaucratisch gedoe krijgen Har en Theo officieel toestemming om terug te keren naar Rotterdam. Op 27 maart 1945 verlaten zij München per trein, voor een reis van meer dan 960 kilometer. Ze nemen de relatief veilige route naar Bremen, hoewel ze het meest gebombardeerde deel van Duitsland moeten doorkruisen. Via Oldenburg gaan ze naar Weener, waar de grensovergang is. De grenscontrole stelt weinig voor, zodat Har zijn dagboek mee kan nemen naar Nederland. Bij Groningen ziet Har “veel gestrande honger-expedities uit Holland”. Hij is bang voor wat hij in Rotterdam kan aantreffen. De reis gaat verder naar Lemmer met een postwagen, naar Amsterdam met een boot en naar Overschie met een binnenvaartschip. In de donkere avond van 7 april 1945 zet Har voor het eerst na 148 dagen weer voet op Overschiese bodem. Thuis is alles in orde. Na de oorlog wordt Har nog twee keer vader. Na het overlijden van zijn vrouw hertrouwt hij in 1978 in Palm Beach, USA. Har overlijdt op 1 juli 1979 in Oosterhout, 73 jaar oud.
Bron: Stadsarchief Rotterdam
Het leven tijdens de oorlog van Horatius (Har) Volbeda
1944Opgepakt bij de Razzia van Rotterdam
Overleden in Oosterhout
Bronnen
Dit zijn de bronnen die bij Oorlogsbronnen bekend zijn over deze persoon.
Razzia van Rotterdam en Schiedam
Ron Schuurmans maakte biografieën van de slachtoffers van de razzia van Rotterdam en Schiedam op 10 en 11 november 1944. Dit was de grootste razzia die de Duitse bezetter tijdens de Tweede Wereldoorlog heeft gehouden. Bij deze razzia zijn ongeveer 52.000 van de 70.000 mannen van 17 tot en met 40 jaar oud uit Rotterdam en Schiedam weggevoerd.
Bekijk de bronAanbieder
Stadsarchief Rotterdam
Afbeelding van Horatius (Har) Volbeda
Ontbreekt een portretfoto, of kan je ons helpen met een betere afbeelding van Horatius (Har) Volbeda, dan kan je deze hier toevoegen. Ook is het mogelijk om de bestaande portretfoto beter bij te snijden.
Heeft u bezwaar tegen de vermelding van deze persoon?
Laat het ons weten door een e-mail te sturen naar info@oorlogsbronnen.nl



