
Dagboek
‘Wij kwamen langs spoorwegovergangen en door plaatsen en dorpen; wij zongen nederlandsche liederen en werden nagewuifd door talloze menschen, die zich overal verzameld hadden,’ aldus de Hagenees Tobias Korenhof (1918-1992) in juni 1943, kort nadat hij zich bij de Duitsers heeft moeten melden als voormalig dienstplichtig militair. Zodra de trein de Duitse grens is gepasseerd, verandert de stemming onder de voormalig militairen, die in krijgsgevangenschap zijn teruggevoerd: ‘Het landschap waar wij doorheen kwamen viel erg tegen. Korenvelden en korenvelden, heel Westfalen door. De huizen, lelijk van bouw, zijn gepleisterd en hebben kleine ramen. Alle zijn eenvormig en buitengewoon saai.’ In Brunswijk staat de propvolle trein urenlang stil: ‘De stemming was toen erg gedrukt en rumoerig. Vele moesten het hoognodige doen en ons werd toegezegd de wagon ’s avonds te mogen verlaten. Om halfnegen werden we naar een emplacement gereden. Toen mochten wij, onder strenge bewaking aan het eind van het emplacement, op een rijtje onze behoefte doen. Wel een grappig gezicht: 500 man op een rijtje te zien poepen.’ In het krijgsgevangenkamp Stalag XI A Altengrabow wordt men door een Feldwebel toegesproken: ‘Of liever hij schreeuwde. Hij had een gemuilkorfde hond bij zich, wees ons op de onmogelijkheid te vluchten. Wij werden ondergebracht in een stal. Dekens, toilet- en eetgerij uit onze koffers moesten op het sportveld achtergelaten worden. In de regen.’ Korenhof schrijft 18 uur per dag in bed door te brengen: ‘De planken van het bed zijn vuil vanwege het zand dat met de schoenen wordt binnengebracht. Als mijn bovenbuurman ligt te draaien, daalt er een regen van vuil op mij neer.’ Met de voedselvoorziening is het aldus gesteld: ‘Je moet altijd erg oppassen wat je eet. Gisteren vond ik een heel stuk van een lange Russische baard. Ik ben blij dat ik het weer naar binnen heb.’
- Korenhof, T.G.
- Europese dagboeken en egodocumenten
- Dagboek
- 244-2185
Bij bronnen vindt u soms teksten met termen die we tegenwoordig niet meer zouden gebruiken, omdat ze als kwetsend of uitsluitend worden ervaren.Lees meer




