
Stiel, D.T.
In september 1944 wordt de vijfentwintigjarige Tom Stiel uit Helmond vanuit Kamp Westerbork gedeporteerd naar het ghetto Theresienstadt in Tsjecho-Slowakije: ‘Ik was rustig, heb kracht gekregen in het gebed om ook dat zware te dragen. Ik heb mijn werk afgemaakt, ben ’s middags om 3 uur begonnen alles voor de groote reis klaar te maken. Nog diezelfde Zondag kwam de trein, bestaande uit 50 veewagens. In de nacht van Zondag op Maandag regende en stormde het geweldig. Echt transportweer!! Maandagmorgen stond ik op, waschte me, kleedde me, maakte me reisvaardig.’ Over de reis naar en zijn verblijf in Theresienstadt schrijft de strenggelovige Stiel brieven aan Cornelia Sprong, zijn thuis in Tilburg achtergebleven verloofde. Deze vormen een dagboek. ‘Sinds 8 Januari werk ik als kolensjouwer voor het ketelhuis, dat de stoom verzorgt voor de keukens. Het werk is zwaar, maar zoo God gezondheid en kracht geeft goed uit te houden. Terwijl anderen bibberen van de kou zweet ik en kan dus gerust zeggen, dat ik nu in het zweet mijns aanschijns mijn brood verdien,’ stelt hij haar begin 1945 in een brief vanuit het ghetto gerust. ‘Bij het werk praat je over wat je aan laatste oorlogsberichten gehoord hebt, wat er met ons joden zal gebeuren, hoe lekker je thuis gegeten hebt: ham met eieren, pinda’s, nieuwe haring enz.’ Vlak voordat Theresienstadt wordt bevrijd ‘komen hier de resten van verschillende opgeloste Jodenkampen, die deels per trein (124 personen in een veewagen) deels lopend gekomen zijn en nog lopen. Hoe die menschen eruit zien tart elke beschrijving. Vervuild, in lompen, afgemagerde skeletten, hoopjes stervende menschen. Kinderen tot 14 grootendeels vergast! Oude menschen? Vergast! Menschen tussen 14 en 50 die niet meer in staat waren te werken? Vergast. Dat was Auschwitz/Birgenau/Polen.’ Stiel emigreert na de bevrijding naar Canada, waar hij in 2001 overlijdt.
- Stiel, D.T.
- Europese dagboeken en egodocumenten
- Dagboek
- 244-2162
Bij bronnen vindt u soms teksten met termen die we tegenwoordig niet meer zouden gebruiken, omdat ze als kwetsend of uitsluitend worden ervaren.Lees meer




