
Alderwegen, C. van
Onder druk van zijn vader, die lid is van de NSB, vertrekt C. van Alderwegen in 1943 vrijwillig naar Duitsland. Hij is dan 39 jaar, getrouwd en vrachtwagenchauffeur. Geboorte- en woonplaats zijn onbekend. In zijn verslag beschrijft Van Alderwegen zijn verblijf in verschillende ‘Ausbildungslagers’ (opleidingskampen), aanvankelijk rondom Berlijn, waar hij niet alleen middels dagelijkse militaire trainingen wordt ‘ausgebild’, maar ook tewerkgesteld, onder andere als chauffeur. Hij vertrekt naar Warschau, vervolgens naar Minsk, en werkt o.a. voor de Duitse bouwmaatschappij Organisation Todt. Toch schrijft de auteur zich niet te kunnen verenigen met het nationaalsocialisme: ‘de grootste boeren en roovers zijn er van de partij’. Nauwgezet wordt de gang van zaken in de opleidingskampen beschreven: ‘Het ergste was aldoor die zogenaamde formaliteit. Platvoeten kreeg je ervan uur na uur te wachten tot je ook daar aan de beurt was om weer op te geven wat je al zoo vaak had gedaan en nog 20 keer te doen zou krijgen.’ En de oncomfortabele omstandigheden, ook waar het vrijwilligers betrof: ‘Als je ons had gezien: een stelletje krijgsgevangenen alles verschillend de broek te klein en een lichtere kleur dan het jasje dan een paar zwarte beenwindsels en houten schoenen. Ik was zoo gedeprimeerd en teleurgesteld dat ik wilde weglopen, maar ik moest dan mijn koffer met kostbaren inhoud achterlaten.’ In een Lager van de Nationalsozialistische Kraftfahrkorps (NSKK), een paramilitair onderdeel van de NSDAP, moet hij afwisselend wachtlopen en bomen omzagen: ‘De wind in je gezicht, je zat hooger dan de Cabin van de wagen die we hadden volgeladen, het ergste was je had geen jas aan, alleen een kort blauw jasje en een oude broek. Een ding was voor mij geluk ik had nl. mijn oorbeschermers bij mij dus die deed ik om. Zoo koud heb ik het van mijn leven nog nooit gehad.’
- Alderwegen, C. van
- Europese dagboeken en egodocumenten
- Dagboek
- 244-2000
Bij bronnen vindt u soms teksten met termen die we tegenwoordig niet meer zouden gebruiken, omdat ze als kwetsend of uitsluitend worden ervaren.Lees meer



