
Aan den Heer J.W. Kraan, Suikerfabriek Redjo Sari. Madioen, Java
De auteur, mevrouw Mourits schrijft brieven aan haar zoon. Deze zit krijgsgevangen in Indië. waar hij zijn vervangende dienstplicht vervulde als chemicus bij een suikerfabriek. De brieven kunnen niet verstuurd worden. De auteur woont met haar man in Amsterdam. Ze vertelt over de hongerwinter, over de dagelijkse strijd van de mensen om te overleven en over de vorderingen aan het front. Ze vertelt over de verloofde van haar zoon. Als Amsterdam wordt bevrijd heeft ze het over de intocht van de Canadezen. Er zijn feesten in de stad. NSB'ers worden opgepakt, waaronder ook enkele familieleden. De voedselvoorziening komt langzaam op gang. Het openbaar vervoer rijdt weer. Haar zoon komt pas in 1949 thuis met groot verlof en leest dan de brieven.
- Mourits, Jacomina Christina
- Europese dagboeken en egodocumenten
- Dagboek
- 244-1760
Bij bronnen vindt u soms teksten met termen die we tegenwoordig niet meer zouden gebruiken, omdat ze als kwetsend of uitsluitend worden ervaren.Lees meer



