
Polak, J.
De schrijver, een 30-jarige monteur, behoort tot de gedeporteerden van de razzia van november 1944 te Rotterdam. Na per boot naar Zwolle en verder naar Wezep vervoerd te zijn, en na een verblijf van ruim een week in Wezep, gaat de reis verder van Meiderich, waar de schrijver herstelwerk aan de Reichsbahn moet verrichten. Het dagboek is niet direct neergeschreven, maar zo goed als zeker zijn er wel korte aantekeningen gemaakt, die later uitgewerkt zijn. Het is wel goed geschreven. In maart 1945 wordt Meiderich bevrijd. Dan breekt het dagboek midden in een zin af. Het liep nog wel wat verder, maar de schrijver achtte wat nog volgde van geen belang meer, en zond het niet in
- Polak, J.
- Europese dagboeken en egodocumenten
- Dagboek
- 244-180
Bij bronnen vindt u soms teksten met termen die we tegenwoordig niet meer zouden gebruiken, omdat ze als kwetsend of uitsluitend worden ervaren.Lees meer







