
Quanjer, M.
De schrijfster is 34 jaar, geschiedenis lerares te Ede. In de dagboekperiode woont ze in bij een van haar collega's; de verhouding met het gezin is buitengewoon goed. Ze beschrijft het dagelijks leven in deze laatste oorlogswinter en vertelt over wat samenhing met de stromen evacué's die Ede passeerden; de schrijfster verleende o.a. haar hulp bij de administratie en ander werk dat door de komst van deze vluchtelingen noodzakelijk was. Het dagboek is duidelijk, zakelijk en gevoelig. Het moet gelopen hebben tot juli 1945; niet bekend is, waarom dit latere gedeelte niet werd gefotokopieerd; vermoedelijk werd verzuimd het op te vragen: de schrijfster zond nl. eerst het begin van haar dagboek in, omdat zij met het kopiëren van het geheel toen nog niet gereed was. Het dagboek is voorzien van een soort inhoudsopgave
- Quanjer, M.
- Europese dagboeken en egodocumenten
- Dagboek
- 244-431
Bij bronnen vindt u soms teksten met termen die we tegenwoordig niet meer zouden gebruiken, omdat ze als kwetsend of uitsluitend worden ervaren.Lees meer







