
Dagboek van de vakantie
Door A. Bouter geschreven verslag van een met zijn ouders doorgebrachte vakantie in Westendorp, een dorp in de Gelderse Achterhoek. Waar de scholier woont en op wat voor school hij zit, wordt uit het reisverslag niet duidelijk. Bouter is vermoedelijk een jaar of veertien, vijftien als hij met zijn vader en moeder per fiets naar Westendorp reist, waar ze twaalf dagen in een pension verblijven. In de Achterhoek fietst de familie Bouter wat af, onder andere op een gehuurde tandem. Ongeveer dagelijks kampt één van de gezinsleden met een lekke band, die dan in de regel door de moeder geplakt wordt. Vaak wordt het nabijgelegen dorp Varsseveld bezocht, waar men zich te goed doet aan kersen en aardbeien. De avonden worden lezend, schrijvend en breiend in het pension doorgebracht. Afgezien van een opmerking over de gebruikmaking van voedselbonnen, wordt er in het reisverslag nauwelijks aan de oorlog gerefereerd, al beschrijft het een zomervakantie in 1944. Of toch: op een middag ziet het harmonieuze gezin ergens in een weiland een man met een jachtgeweer staan. Het is iemand van de Landwacht.
- Bouter, A.
- Europese dagboeken en egodocumenten
- Dagboek
- 244-1948
Bij bronnen vindt u soms teksten met termen die we tegenwoordig niet meer zouden gebruiken, omdat ze als kwetsend of uitsluitend worden ervaren.Lees meer






