P.J. de Lint: Egodocument (fotokopie;van getypt stuk met enkele gedeelten handschrift)
De schrijver is een juist afgestudeerd Delfts ingenieur, plm. 28 jaar oud. In september 1942 tracht hij, samen met een vriend, met een bootje naar Engeland over te steken. Zij worden gepakt, zitten eerst in Amersfoort (tewerkgesteld bij het bouwen van barakken), dan in Utrecht gevangen (beide gevangenissen). In hun proces, te Utrecht, 30 oktober 1942, werden zij ter dood veroordeeld. Zij krijgen gratie: 15 jaar tuchthuis. Van half januari tot eind maart 1943 is de schrijver in Rheinbach, daarna tot de bevrijding in Siegburg. In Rheinbach moet hij legerbroeken repareren; in Siegburg wordt hij tewerkgesteld op de afdeling Motorbau, eerst als administratieve kracht, later als technisch tekenaar. Hij krijgt daar ook gelegenheid tot studeren en meer dergelijke begunstigingen. Na de bevrijding van Siegburg blijft hij nog ruim een maand in het tuchthuis, daarna een dag of tien in een repatriatiekamp in Oberkassel, waarna hij eind mei naar Nederland vertrekt. Het in Utrecht geschreven gedeelte, toen hij met zijn tochtgenoot in één cel gevangen zat, draagt een enigszins ander karakter dan de latere gedeelten, toen de vrienden gescheiden waren. De schrijver werd toen meer op zich zelf aangewezen, zijn dagboek wordt in zekere zin dan persoonlijker, meer van hem alleen. Het dagboek werd begonnen in Utrecht; de daaraan voorafgaande gebeurtenissen werden in terugblik verhaald. De oorspronkelijke aantekeningen over de reis van Utrecht naar Rheinbach gingen verloren. Ook later is dit nog een enkele maal gebeurd, zij het niet in grote omvang. Verder kwamen tijden voor, dat de schrijver zijn dagboek niet of minder goed bijhield. - De inhoud is gevarieerd en veelomvattend. Feiten, zowel persoonlijke belevenissen als een kleine kring van gevangenen of de gehele gemeenschap van b.v. het tuchthuis betreffende gebeurtenissen, voorvallen, toestanden, situaties etc. worden helder en duidelijk uiteengezet. De schrijver is een juist afgestudeerd Delfts ingenieur, plm. 28 jaar oud. In september 1942 tracht hij, samen met een vriend, met een bootje naar Engeland over te steken. Zij worden gepakt, zitten eerst in Amersfoort (tewerkgesteld bij het bouwen van barakken), dan in Utrecht gevangen (beide gevangenissen). In hun proces, te Utrecht, 30 oktober 1942, werden zij ter dood veroordeeld. Zij krijgen gratie: 15 jaar tuchthuis. Van half januari tot eind maart 1943 is de schrijver in Rheinbach, daarna tot de bevrijding in Siegburg. In Rheinbach moet hij legerbroeken repareren; in Siegburg wordt hij tewerkgesteld op de afdeling Motorbau, eerst als administratieve kracht, later als technisch tekenaar. Hij krijgt daar ook gelegenheid tot studeren en meer dergelijke begunstigingen. Na de bevrijding van Siegburg blijft hij nog ruim een maand in het tuchthuis, daarna een dag of tien in een repatriatiekamp in Oberkassel, waarna hij eind mei naar Nederland vertrekt. Het in Utrecht geschreven gedeelte, toen hij met zijn tochtgenoot in één cel gevangen zat, draagt een enigszins ander karakter dan de latere gedeelten, toen de vrienden gescheiden waren. De schrijver werd toen meer op zich zelf aangewezen, zijn dagboek wordt in zekere zin dan persoonlijker, meer van hem alleen. Het dagboek werd begonnen in Utrecht; de daaraan voorafgaande gebeurtenissen werden in terugblik verhaald. De oorspronkelijke aantekeningen over de reis van Utrecht naar Rheinbach gingen verloren. Ook later is dit nog een enkele maal gebeurd, zij het niet in grote omvang. Verder kwamen tijden voor, dat de schrijver zijn dagboek niet of minder goed bijhield. - De inhoud is gevarieerd en veelomvattend. Feiten, zowel persoonlijke belevenissen als een kleine kring van gevangenen of de gehele gemeenschap van b.v. het tuchthuis betreffende gebeurtenissen, voorvallen, toestanden, situaties etc. worden helder en duidelijk uiteengezet.
- Collectie 244: Europese dagboeken en egodocumenten
- Egodocument (fotokopie;van getypt stuk met enkele gedeelten handschrift)
- 445
Bij bronnen vindt u soms teksten met termen die we tegenwoordig niet meer zouden gebruiken, omdat ze als kwetsend of uitsluitend worden ervaren.Lees meer
